SURINAME: 50 JAAR TREURNIS (134)

Bij een 50-jarig jubileum (dinsdag 25 november) denk je aan felicitaties. Is daar reden toe, wie of wat moet of kun je gelukwensen? De bewoners van het land, het land zelf, of het idee om het land onafhankelijk te maken (onafhankelijk zijn of worden in een wereld waar afhankelijkheid, solidariteit en samenwerken kernwaarden zijn, is ongewenst, omdat het gevaar van egoïsme en isolement dreigt; de benaming politieke zelfstandigheid dekt de lading beter)? Het Haagse besluit om Suriname op 25 november 1975 los te koppelen van Nederland en met een "douceurtje" (de "afkoopsom" van 3,5 miljard Nederlandse guldens was een bedrieglijk schijntje) was onafwendbaar, hoewel je je kunt afvragen of het momentum het meest geschikt was: onder de verschillende bevolkingsgroepen werd verschillend gedacht. Dat Suriname de eigen broek politiek omhoog moest houden, daar hoef je niet over te debatteren. Maar vraagtekens kun je wel plaatsen of de bevolking in 1975 er klaar voor was. Het antwoord is "nee", want kort ervoor en erna kwam er een grootscheepse exodus op gang gedreven door angst, en verloor het land in korte tijd veel kennis en kunde. 


Maar onnodig, onzinnig en achterhaald om in die vraag te blijven steken. Suriname stond op beide benen (wankel en dus niet volwassen) en zou eigen perspectieven moeten gaan ontwikkelen. Een startkapitaal was er. Plannenmakers moesten laten zien waartoe zij in staat waren. En dat was het startsein voor de ene debacle na de andere. Zij, de selfmade experts die meenden over de juiste competenties te beschikken, waarschuwden het kabinet in Den Haag: wij zullen nieuwe bevoogding (neo-kolonialisme) niet op prijs te stellen, wij willen geen controle en toetsing van welke uitgaven dan ook. 

Het leek een daverend begin te worden, met als meest opvallende huzarenstuk: Het Bakhuysproject, het gebied in West-Suriname , zeer rijk aan bauxiet om aluminium te produceren. Uit de verdragsmiddelen van 3,5 miljard werd al snel 239 miljoen vrijgemaakt. Het project kende een bliksemstart, maar was een complete mislukking, concludeerden de onderzoekers Kruit en Maks in "Analyse van 25 jaar Ontwikkelingssamenwerking". Het ontbrak aan bestuurlijke ervaring bij de overheid, stagnatie en corruptie verdrongen het project. Kleine successen waren er wel: dijken, sluizen, wegen, maar deze waren niet duurzaam. Van de ontwikkelingsgelden was niets tastbaars overgehouden. Dat overkwam ook het Landbouwproject Commewijne, het Veeproject Brokopondo, het Oliepalmproject Oost-Suriname. Stuk voor stuk buitengewoon prestigieus en egostrelend, en nooit goed van de grond gekomen. Bovendien, zeggen Kruit en Maks: er was geen aandacht voor de private sector en er was niet gedacht (bewust, vermoed ik) aan betrokkenheid van de bevolking, ook niet aan de noodzakelijke haalbaarheidsstudies. Dit mismanagement, wanbeheer en zelfverrijking (die snel de kop opstak) van politieke kopstukken, alsook het graaigedrag van een bovenlaag van het establishment, zouden reden zijn voor irritatie en groeiende ontevredenheid onder de burgerbevolking. En wellicht vond de militaire leiding in deze neergang ook een alibi om zich te presenteren en in verzet te komen. 


Groeiende ergernis resulteerde in woede op de regering Arron. Geen structurele veranderingen konden worden gemeld, de verdragsmiddelen werden niet ingezet voor effecten op 's-lands ontwikkeling, transparantie in factureringen was een taboe, er kwam geen rem op oncontroleerbare uitgaven, en... er werden valse facturen ingediend voor werkzaamheden die nooit waren uitgevoerd. Bevriende aannemers en onderaannemers hadden onbeperkt toegang tot de politiek, macht en middelen. 


In deze sfeer zagen militairen hun kans schoon om de regering buiten bedrijf te stellen. De euforie onder delen van de bevolking (anderen interpreteerden de gewelddadige machtswisseling als het begin van een drama veroorzaakt door de sergeanten die zichzelf tot revolutionairen hadden gepromoveerd) was eerst niet gering en spoedig gereserveerd, en kreeg de militaire aanwezigheid her en der aanvankelijk het voordeel van de twijfel. Er ontstond enige hoop, gecombineerd weliswaar met twijfel, hoewel voorstanders van de machtswisseling zich in bochten wrongen om het positieve verhaal te vertellen. (Overigens: het plegen van een staatsgreep is geen kattenpis: er moest hiervoor een draaiboek worden geschreven, de transitie moest worden gemanaged, en hiertoe was sergeant-sportinstructeur Bouterse niet in staat, want onervaren en gebrek aan bekwaamheden. Er bestaat geen twijfel over dat 2 Nederlandse kolonels -door Vrij Nederland onderzocht- destijds in Suriname gelegerd -Valk en Tusschenbroek- in opdracht van het kabinet in Den Haag, de coup hebben geregisseerd met als insteek de incompetente regering in Paramaribo te ontzetten; de dossiers over de Nederlandse betrokkenheid mogen vooralsnog niet open! Bouterse heeft publiekelijk gemeld (schreven onderzoeksjournalisten van serieuze media in Nederland): "Kolonel (lees: Valk), zonder u was dit niet gelukt". En een aantal keren richting kritisch Den Haag: "Als jullie moeilijk blijven doen, doe ik een boekje open", verwijzend naar de bemoeienis van Nederland en kolonel Valk met de staatsgreep (het draaiboek). Maar wat er op 8 december 1982 gebeurde, was door Den Haag niet voorzien). Na de val van de regering zouden vooruitzichten zich aandienen, was de hoop. Maar met Bouterse zou Suriname nog sneller de afgrond naderen. 


Macht corrumpeert. En in "De Heerser" van Machiavelli kon Bouterse lezen welke richtlijnen er moesten worden gevolgd om macht ongestoord te behouden. Razendsnel werd de graaicultuur van zijn voorganger gekopieerd, en werd het middel moord geïntroduceerd. Met als dieptepunt 8 december 1982. Binnen zijn partij (NDP) wordt nog altijd de mantra gehuldigd dat elke oorlog slachtoffers kent. Dus dat moord geoorloofd is. Veranderingen zonder bloedvergieten is volgens de NDP een illusie. Machtsuitoefening zonder geweld is ondenkbaar, meent de NDP, en uit de mond van de nieuwe (NDP-)president  Simons is nooit opgetekend dat afstand moet worden genomen van een bloedig verleden. Bouterse stond en Simons staat aan de verkeerde kant van de Surinaamse geschiedenis. De vernedering van een volk is hiermee een vervolgverhaal. Met "elke oorlog kent zijn slachtoffers", wat door NDPérs wordt herhaald, maakt de partij duidelijk voor wie het nog niet weet: Bouterse had het recht om tegenstanders te (laten) doden. Wat inhoudt dat een ieder ander dat recht bezit om te doden: de filosofie van de Wild Bunch uit het Wilde Westen. Veranderingen kun je en moet je bereiken door structuren te integreren in het democratisch systeem, die het mogelijk maken om onderhandelingen te voeren en compromissen te vinden. Dit weet de NDP niet in haar zwart-witte voorstelling van bestuur ("er is maar één waarheid, dat van de NDP) en haar boodschap is daarom ondoordacht en stupide! Stel dus vast dat er vroeg of laat zand in de NDP-motor komt! 

De huidige regering (de vorige onder Santokhi ging tot op zekere hoogte ook in de fout, door het ontbreken van structurele controlemechanismen) heeft zich in een onmogelijke positie gemanoeuvreerd: door het niet veroordelen van massaslachtingen (ook tijdens de Binnenlandse Oorlog) die als "verdiensten" te boek staan, door naïeve en onnozele interpretaties van gebeurtenissen uit het verleden, door het verspillen van geldmiddelen (een traditie tijdens het bewind van Bouterse) en toestaan dat bevriende ondernemers onbeperkt facturen kunnen indienen (een herhaling van de Bouterse-attitude), door het bevoordelen van vrienden voor wat betreft concessieverleningen (staand beleid onder Bouterse), door nog altijd samen te werken met notoire criminelen (waar Simons niet wakker van ligt), door Bouterse niet als misantroop te willen kwalificeren. Door hem niet te ontdoen van zijn mythische status, schaart Simons zich in de rij van onbetrouwbare autocraten (niet verkeerd, en 8 december in het achterhoofd beslist niet onethisch, en theoretisch uitvoerbaar: zijn lievelingsattributen onderbrengen in een isoleercel en 20 jaar lang bewaren en tentoonstellen, als teken van postume strafuitvoering. Om zo nabestaanden en het deel van de bevolking dat gemoedsrust zoekt, tegemoet te komen, en uit te drukken dat niemand wegkomt na een barbaarse exercitie).

Te overwegen valt ook de inbeslagname van alle bezittingen.


Het was vóór de onafhankelijkheid kommer en kwel. Maar ná de coup heeft het leger onder Bouterse niet de tempel van de wijsheid gevonden. En Simons evenmin. De treurnis duurt voort. 50 jaar zelfstandigheid vraagt om een koersverandering. Versterking van de democratie door verankering van onafhankelijke instituten die de regering controleren (want het parlement beschermt ongegeneerd onrecht, en de oppositie bijt niet door), lering trekken uit de spilzucht en uit de incompetenties uit het verleden, en het heden beschermen tegen  verval, om zo de toekomst veilig te stellen. Innovatie wordt de motor, het openbaar bestuur wordt versterkt en ontdaan van arrogante politici die corruptie als aanvaardbare norm zien (een anti-corruptie autoriteit krijgt een onafhankelijke positie), publieke diensten worden versterkt, belastinginning (naar draagkracht) wordt effectiever, sociale woningbouw wordt uit het dal getrokken, miljoeneninvesteringen (uit de olieopbrengsten) voor onderwijs, infrastructuur, armoede, landbouw, zijn zo enkele maatregelen die dienen te worden uitgewerkt. Er zijn nog meer prioriteiten denkbaar. 


Suriname is ná 50 jaar nog altijd kansarm, terwijl de potentie er is om kansrijk te worden. Voorwaarde is dat de huidige NDP zichzelf (met olieopbrengsten in het verschiet) ontdoet van fortuinzoekers en parasieten in eigen kring en kiest voor zelfreiniging. Andere politieke partijen halen de bezem door hun stal (waarvoor een wettelijk kader wordt ingevoerd). Een brede samenwerking met andere partijen die willen bijdragen aan vooruitzichten, wordt onderzocht. Een mooi cadeau bij een 50 jarig bestaan. Er is stilstand, en ook achteruitgang. Er is treurnis. Maar het roer kan en moet om, de koers moet gewijzigd. Om te voorkomen dat het licht uitdooft. En in de duisternis het zicht op een uitgang verdwijnt. 


Manuel Sewgobind

21 november 2025